Cunera: 150 jaar duurzaam ondernemen

‹ Terug naar overzicht
Geplaatst op:
Cunera bestaat 150 jaar. Of, zoals mede-directeur (samen met broer Johan) André Toonen zegt: “Wij zijn al honderdvijftig jaar bezig met duurzaam ondernemen. Dat uit zich in het produceren van vloerbedekking van natuurlijke materialen.” En Toonen heeft ook een primeur voor Mobilia: “We ontwikkelden een volledig circulair woltapijt.” In het prachtig gelegen bedrijfspand in Rhenen, gebouwd van duurzame materialen, zou op 14 mei het 150-jarig bestaan zijn gevierd, maar vanwege de coronacrisis kon dat feest niet doorgaan.

Met de Toonens gaan we terug in de tijd. De oorsprong van Cunera ligt in 1870 toen Lucas van Wijngaarden en Jan van der Graaf in Rhenen een bedrijf oprichtten voor ‘het fabriceeren en verkoopen van tapijten en al hetgeen daarmee in betrekking staat.’ Nu, 150 jaar later, is daar feitelijk niet veel aan veranderd. Grootste verschil is dat Cunera nu niet meer zelf produceert, maar dat elders laat doen en zich nu toelegt op het snijden en afwerken van tapijten van wol, sisal, zeegras, kokos en bamboe. Johan: “Bij de randafwerking maken we gebruik van leer, jute, katoen en linnen.”

Cunera legt de focus op natuurlijke materialen

Het gebruik van natuurlijke materialen zit letterlijk en figuurlijk verweven in Cunera. “In de vorige eeuw ontwikkelden we ons tot specialist in het maken van kokostapijt. Het ruwe materiaal werd verwerkt tot garens. Spinnen, verven en weven was integraal onderdeel van het productieproces”, legt André uit.
Al voor de Tweede Wereldoorlog exporteerde het bedrijf naar de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk. Johan: “En na de oorlog kwamen daar onder meer België, Zweden en Zwitserland bij. Tegenwoordig zijn Duitsland, Frankrijk en de Scandinavische landen belangrijke exportmarkten.”
De jaren vijftig zijn de bloeiperiode voor vloerbedekking van kokos en sisal. In de jaren zestig komt synthetisch tapijt op, waardoor in Nederland veel kokosfabrikanten het loodje leggen. Cunera overleeft de kaalslag tot de jaren tachtig. Maar als het dan economisch minder goed gaat, belandt het bedrijf toch in de rode cijfers.

Marketing en duurzaamheid

“In 1979 nam mijn vader Jan, Cunera over”, vertelt André, die samen met Johan in 1994 het directeurschap op zich nam. “Hij besefte meteen dat marketing noodzakelijk is voor het nicheproduct dat hij levert en gaat adverteren, zoekt samenwerking met woonbladen en presenteert zich op vakbeurzen.” In een kranteninterview uit 1993 merkt hij op dat woninginrichters – de klanten van Cunera – te weinig tapijt van natuurlijke materialen promoten. Quote uit dat interview: ‘Dat ligt niet aan de duurzaamheid van het materiaal, maar aan het ontbreken van een professionele stoffeerder.’
In de jaren tachtig wordt de slogan ‘Wonen op natuur’ verzonnen en dat blijkt een gouden greep. “Het geeft aan dat het tapijt, de lopers, vloerkleden, matten en tegels van Cunera zijn gemaakt van materiaal met een natuurlijke oorsprong. En, zonder het expliciet te benoemen, komt het begrip duurzaamheid naar boven drijven. Wij waren er al jaren mee bezig zonder dat wij het beseften”, glimlacht Johan.
“Wie teruggaat in de historie ziet dat wat wij tegenwoordig ‘duurzaam produceren’ noemen, al begin vorige eeuw de aandacht kreeg.” De ‘jonge knaapen’ in het bedrijf werkten zeker niet naar de maatstaven van de huidige omstandigheden, “maar het werk was minder zwaar dan bijvoorbeeld in de steenfabrieken rond Rhenen”, aldus Johan.

Verbetering werkomstandigheden

In de jaren vijftig is alles gericht op productieverbetering en efficiency, wat hand in hand gaat met de verbetering van de werkomstandigheden. André: “Er worden karretjes aangeschaft voor intern transport, er komt betere verlichting en wevers krijgen hulp van specialisten zoals een machinemonteur en iemand die toezicht houdt op de dessins, zodat de mensen achter het weefgetouw niet voor te veel zaken verantwoordelijk zijn.”
Ook tegenwoordig let het bedrijf nog steeds goed op haar werknemers. “Nog niet zo lang geleden investeerden we in een speciale snijmachine en een heftruck. Makkelijker tapijt snijden en verbetering van transport binnenshuis zijn het gevolg.”
In de jaren tachtig verandert het productieproces ingrijpend. Johan: “De eigen productie wordt afgebouwd en rollen worden geïmporteerd als halffabricaat. We leggen ons toe op verwerking tot karpetten, lopers, matten en vast tapijt en het ontwikkelen van nieuwe dessins. Want al is het basismateriaal al die jaren hetzelfde gebleven, de smaak van de klant verandert continu.”

Endless Cunera

De slogan ‘Wonen op natuur’ krijgt een internationale vertaling naar ‘Endless Cunera’. “Hierachter schuilt de gedachte van people, planet, profit. We proberen dat handen en voeten te geven met – nog steeds – als basis het gebruik van materialen met een natuurlijke oorsprong”, zegt André. In 2001 openen de beide broers het nieuwe bedrijfspand in Rhenen, duurzaam gebouwd en liggend aan… de Cuneralaan!
Dit jaar zet Cunera een nieuwe stap met de lancering van een volledig circulair woltapijt. André: “Een ontwikkeling van jaren, waarbij het vooral een probleem was om de backing van het tapijt te kunnen scheiden van de bovenlaag. Het was de bedoeling om dit tapijt tegelijkertijd te introduceren met de viering van ons 150-jarig bestaan. Maar de coronacrisis liet dit niet toe. Wellicht zal er later dit jaar een moment komen om dit alsnog feestelijk te vieren.”

Tekst: Johan Koning

De website van Vakblad Mobilia biedt actualiteit voor professionals uit de ontwerp- en interieurbranche en richt zich daarbij hoofdzakelijk op de productgroepen vloeren en interieurtextiel.