C&C verankert toekomst in stichting
“Het moet van ons blijven, niet van de markt”
De toekomst van Concepts & Companies houdt de aangesloten ondernemers al langer bezig. Wat gebeurt er als oprichter Rob van Prooijen op termijn een stap terugdoet? En belangrijker: blijft het DNA van de organisatie dan intact? In een recente videoboodschap geeft Van Prooijen daar voor het eerst uitgebreid antwoord op. Niet met een klassiek groeiverhaal, maar met een fundamentele herijking van eigenaarschap, structuur en maatschappelijke rol. “De toekomst van Concepts & Companies is een onderwerp dat bij veel ondernemers leeft,” zegt hij. “Wat staat er te gebeuren? En welke richting slaat het bedrijf in wanneer ik straks een stap terugdoe?”
Van formule naar ecosysteem
Volgens Van Prooijen zit de kracht van C&C niet in een centrale organisatie, maar in het netwerk zelf. “We hebben een organisatie opgebouwd met een grote groep zelfstandige ondernemers, leveranciers en medewerkers. Dat is geen traditioneel bedrijf, maar een ecosysteem. En zo moet het ook blijven functioneren.” Die positionering is cruciaal. Want waar veel organisaties uiteindelijk kiezen voor schaal, controle of verkoop, kiest C&C bewust voor een model waarin samenwerking en autonomie in balans blijven.
“Het gaat mij er niet om het bedrijf te verkopen, maar om de lange termijn.”
Aandelen naar een stichting
De meest ingrijpende stap is dat de aandelen van Concepts & Companies worden ondergebracht in een stichting. Daarmee wordt de continuïteit structureel verankerd. “Daarom heb ik besloten om de aandelen van C&C onder te brengen in een stichting,” aldus Van Prooijen. “Die stichting krijgt als doel om het gedachtegoed van C&C te bewaken en voort te zetten.” De keuze is principieel. Geen externe aandeelhouders, geen exitstrategie, maar een organisatie die zichzelf in stand houdt. “De stichting zorgt ervoor dat we onafhankelijk blijven. We worden niet afhankelijk van investeerders met andere belangen dan onze ondernemers.” Daarmee positioneert C&C zich nadrukkelijk buiten de dominante logica van de retailsector, waar consolidatie en kapitaal steeds vaker de koers bepalen.
De koek en de koekjes
De nieuwe structuur hangt nauw samen met de manier waarop Van Prooijen naar organiseren kijkt. In de video gebruikt hij daarvoor een opvallend eenvoudig beeld.“Je moet de organisatie zien als een koek die je niet centraal wilt blijven aansturen. Je moet hem opdelen in kleinere stukken, ‘koekjes’, die zelfstandig kunnen opereren.” Die metafoor raakt de kern van het C&C-model: geen top-down structuur, maar een verzameling relatief autonome eenheden. Zelfstandige ondernemers, teams en formules die binnen duidelijke kaders opereren, maar hun eigen verantwoordelijkheid dragen. Het is een visie die haaks staat op centralisatie. “We hebben geen behoefte aan een organisatie die alles bepaalt. De kracht zit juist in die zelfstandigheid, gecombineerd met samenwerking.” De stichting verandert dat principe niet, maar borgt het juist. De “koekjes” blijven zelfstandig, de structuur zorgt ervoor dat ze onderdeel blijven van hetzelfde geheel.
“Je moet de organisatie opdelen in koekjes die zelfstandig kunnen opereren.”
Collectief ondernemerschap
De stap naar een stichting is daarmee geen breuk, maar een verdieping van het bestaande model. C&C blijft draaien op zelfstandig ondernemerschap, maar binnen een collectieve structuur. “We willen een omgeving waarin iedereen kan blijven ondernemen, maar wel binnen een sterk collectief. Samen zijn we sterker dan individueel.” Voor ondernemers betekent dat vooral stabiliteit. Geen plotselinge koerswijzigingen door nieuwe aandeelhouders, maar een voorspelbare, gedeelde richting. “Deze stap geeft rust en duidelijkheid. Iedereen weet waar hij aan toe is en wat de koers is voor de toekomst.”
“Samen zijn we sterker dan individueel. Dat hebben we bewezen.”
Van eigendom naar verantwoordelijkheid
Opvallend is hoe Van Prooijen zijn eigen rol relativeert. Hij spreekt nadrukkelijk niet als eigenaar, maar als onderdeel van een groter geheel. “Ik zie C&C niet als mijn bedrijf, maar als iets dat we samen hebben opgebouwd.” Daarmee verschuift het perspectief van bezit naar verantwoordelijkheid. “Het is belangrijk dat het van ‘ons’ blijft en niet in handen komt van partijen die er anders naar kijken.” De stichting wordt in dat licht geen machtsorgaan, maar een bewaker van cultuur en richting. “Niet om alles te bepalen, maar om ervoor te zorgen dat de kernwaarden behouden blijven.”
Voorbereid op toekomst zonder oprichter
De onderliggende vraag blijft: wat gebeurt er als Van Prooijen zelf een stap terugdoet? “In de afgelopen jaren heb ik veel nagedacht over die toekomst. Wat gebeurt er als ik er niet meer ben?” Het antwoord is helder: een organisatie die niet afhankelijk is van één persoon. “Voor mij betekent dit dat ik op termijn een stap terug kan doen, met de zekerheid dat het bedrijf in goede handen blijft.”
Maatschappelijke rol
Naast continuïteit en structuur introduceert Van Prooijen nog een derde pijler: maatschappelijke impact. “Concepts & Companies heeft ook een maatschappelijke functie,” zegt hij. “We willen bijdragen aan het verbeteren van de jeugdzorg in Nederland.” Het geeft de organisatie een bredere betekenis. Winst is geen einddoel, maar een middel, ook buiten de eigen keten.
“Het moet van ‘ons’ blijven, niet van partijen die er anders naar kijken.”
Duidelijkheid voor partners
De boodschap is nadrukkelijk gericht aan de aangesloten ondernemers. “Ik wil jullie meenemen in de ontwikkelingen, de veranderingen en de ambities voor de toekomst. Zodat je als partner weet waar we naartoe werken en wat je van ons kunt verwachten.” Het is geen aankondiging van snelle groei of radicale vernieuwing, maar van verankering.
Met de keuze voor een stichting kiest C&C niet voor de snelste of meest gebruikelijke route. In een sector waarin verkoop en schaalvergroting vaak het eindspel vormen, kiest de organisatie voor continuïteit, onafhankelijkheid en collectief eigenaarschap “Ik ben ervan overtuigd dat dit model ons sterker maakt,” besluit Van Prooijen. “Niet alleen vandaag, maar juist over tien of twintig jaar.”
Tekst: Interior Business Magazine, het vakblad van de meubelbranche / Vakblad Mobilia, het vakblad voor de Woninginrichter
Foto’s: eerder gepubliceerd in Vakblad Mobilia, het vakblad voor de Woninginrichter




